Navigatie overslaan en naar de inhoud gaan
Logotipo de Camino de Santiago e ilustración de un peregrino

Camino de Santiago

Franse pelgrimsroute via... Orreaga/Roncesvalles

Vandaag de dag is de bekendste en tevens meest aanbevolen plaats om op de Franse pelgrimsroute te komen, de weg die Navarra binnenkomt in Luzaide/Varcarlos, een plaats met geschiedenis en vele legendes, omringd door het kenmerkende landschap van de Pyreneeën. Deze stad dankt haar Spaanse naam aan Karel de Grote, in herinnering aan de Slag bij Roncesvalles waarin Roeland samen met de meest invloedrijke Franksische adel door de Basken verslagen werd. Deze gebeurtenis was aanleiding voor het “Roelandslied”, dat in de 12de eeuw gecomponeerd is.

Nadat het pad de hoogvlakte van Ibañeta heeft doorkruist, doemt tussen de mist de legendarische plaats Orreaga/Roncesvalles op, een van de belangrijkste enclaves van de Camino de Santiago in Spanje. Door de geschiedenis heen is het altijd een doorgangsplaats geweest. Vandaag de dag is het echter de moeite waard om er te stoppen, zich door de schoonheid van de omgeving mee te laten voeren en gebouwen te ontdekken die ten dienst van de Jakobsroute zijn gebouwd, zoals de schitterende collegiale kerk, een van de beste voorbeelden van de Franse gotische kunst van het Schiereiland.

Op de Jakobsroute is het de moeite waard om te stoppen in Auritz/Burguete en Aurizberri/Espinal, twee typische uit één straat bestaande dorpen die zijn ontstaan om de pelgrims van dienst te zijn. Ze liggen, zoals Ernest Hemingway het omschreef, in het “meest vervloekte wildste gedeelte van de Pyreneeën”. Het zijn dorpen met een rijke gastronomie met onder meer forel of paddestoelen, waarvan de variant “beltza” de meest bijzondere is. De diepgewortelde tradities blijken bijvoorbeeld uit de liefhebberij voor de zogenaamde “pelota basca” (Baskisch pelottespel).

De route slingert verder door een groen berglandschap, gaat over de Mezquiritz-pas en komt uit in Erro; een klein plaatsje met een interessante laat-romaanse kerk die aan de voet van de gelijknamige pas ligt, temidden van beukenbossen. Vervolgens daalt de route verder af tussen de parasoldenbossen.

Na een slingerende afdaling komt men uit in Zubiri, zo genoemd door de gotische brug, of “zubia” in het Baskisch, die de moeite van het bekijken waard is. Volgens de overlevering bevinden zich in een van de steunberen de relikwieën van Santa Quiteria, genezer van rabiës.

De Trinidad de Arre, een oud pelgrimsverblijf, gelegen in een gebied waar het geruis van de rivier die over de rotsen stoomt altijd aanwezig is. Daarna gaat de route verder in de richting Pamplona, langs een kabbelend riviertje. Even verder zien we de emblematische gotische brug van La Magdalena, de plaats waar de pelgrims de stad binnengaan.

Via het Portal de Francia komt u Pamplona binnen. Als u verdergaat door de Calle del Carmen, een oude pelgrimsweg, komt u in het kleurrijke historische centrum, dat uitnodigt om te wandelen. U kunt de route van de stierenrennen tijdens de feesten van San Fermín volgen of, waarom niet, de tapasroute langs de cafeetjes van de stad, om te genieten van deze miniatuurdelicatessen, onder het genot van een goede wijn met herkomstaanduiding Navarra. Bezoek vooral ook de bijzondere gotische kloostergalerij van de kathedraal, de vestingkerken San Nicolás en San Saturnino, en ga terug in de geschiedenis van de regio in het Museum van Navarra. Wilt u het liever rustig aan doen, dan kunt u heerlijk wandelen langs de rivier de Arga, door de tuinen van de Taconera of het ommuurde stadsdeel van de Citadel.

We verlaten Pamplona om verder te gaan richting Puente la Reina. Maar voordat we daar aankomen zijn er twee plaatsen die de moeite waard zijn om te stoppen: Gazólaz en de Sierra del Perdón. Het landschap is veranderd. Het stroomgebied Cuenca de Pamplona is enigszins heuvelachtig en wordt omringd door niet bevloeide bouwgrond, die in de lente groen getint is, en in de zomer intens geel. In Gazólaz staat een kerk, gewijd aan Nuestra Señora de la Purificación, een van de beste voorbeelden van portaalkerken van Navarra. Deze kerk is gebouwd in de dertiende eeuw.

De Sierra del Perdón, overheerst door indrukwekkende windmolens, biedt een spectaculair uitzicht over de Cuenca de Pamplona en de Tierra Estella. Op de top staat een aan de pelgrim gewijd monument, dat het hoofd biedt aan hevige windstoten en de duizenden pelgrims in herinnering brengt die deze contreien hebben doorkruist tot aan de kapel Ermita del Perdón en vanuit de bergen afdaalden naar Puente de Reina, een andere belangrijke enclave van de Jakobsroute door Navarra.

In Puente la Reina komen de twee vertakkingen van de Franse pelgrimsroute samen: de route die binnenkomt via Orreaga/Roncesvalles en de andere die uit Sangüesa komt. De plaats is gelegen in een soort overgangslandschap, waarin de bergen plaats hebben gemaakt voor de vlakten van de Ribera van Navarra en waar de moestuinen en de wijngaarden de omgeving kleuren en de tafel vullen met heerlijke gebraden paprika, groenteschotels en verrukkelijke bonen, vergezeld van de streekwijnen. Puente la Reina heeft een rijk artistiek erfgoed, waarmee een prachtige enclave tot stand is gekomen. Opmerkelijke zijn vooral de kerken Crucifijo, Santiago en die van San Pedro, alsook de kenmerkende romaanse brug over de Arga, gebouwd in de elfde eeuw en bestemd als uitvalsweg voor de pelgrims.

De route gaat verder richting Cirauqui, verheven tegen de heuvel, waar de mooie kerk van San Román met meerlobbige bogen, voorbode is van de stijl van de kerk San Pedro de la Rúa in Estella.

Estella wekt indruk bij haar bezoekers. Dankzij de monumenten heeft de stad als bijnaam “Toledo van het Noorden” gekregen, en de prachtige omgeving maken haar tot een uitstekende uitvalbasis om het Natuurpark Urbasa-Andía te bezoeken, met grotten en putten, beukenbossen en uitgestrekte weidegronden waar schapen van het Latxa-ras grazen. Met de melk van deze schapen wordt de kaas met herkomstaanduiding Idiazabal vervaardigd, heerlijk als afsluiting na streekgerechten zoals verse asperges of varkensgebraad.

Iets verder vinden we Los Arcos, een in de Middeleeuwen gestichte stad, waarvan de toegangspoorten de oorsprong ervan al verraden. Het interessantste monument is de kerk Santa María, die oorspronkelijk gebouwd is in de 12de eeuw en afgewerkt is in barokke stijl.

Halverwege Los Arcos en Viana ligt Torres del Río, waar men zeker de kerk Santo Sepulcro moet bezoeken, een van de juwelen van de Navarrese romaanse kunst, die sinds de oorsprong in verband staat met de Jakobsroute, en een prachtige koepel uit de tijd van de kaliefen.

Tenslotte komt de bezoeker aan in Viana, gelegen op een door graanvelden, wijngaarden, amandel- en olijfboomgaarden omringde heuvel. Deze plaats heeft een roerig maar interessant verleden als verdedigingplaats tegen Castilië, en was de gebruikelijke zetel van de koninklijke familie. Als u door de straten loopt, treft u herenhuizen en paleizen aan, en de spectaculaire renaissancistische poort van de kerk van Santa María. Dit is de laatste mogelijkheid om u onder te dompelen in de geschiedenis van deze autonome regio, haar gebruiken en gastronomie, omdat de Camino de Santiago in Viana afscheid neemt van Navarra.

Vanuit de hoogte ziet u de vlakte en ontwaart u aan de horizon de pelgrim die met fiere tred naar het grondgebied van La Rioja trekt.