The Pilgrim's Way to Santiago

Legendes

Koningen, veldslagen, smaad, wraak, kwakzalvers, reuzenfiguren... Een wereld van fantasie en mythen waarmee al eeuwenlang de pelgrimstocht van de Camino de Santiago wordt omhuld. Verdiept u zich in de legenden van de Jakobsroute:

Legende van Roeland en Ferragut

Capitel del Palacio de los Reyes. Estella-Lizarra

Als u door een gelukkig toeval voorbij het Paleis van de Koningen van Estella komt, een uniek voorbeeld van een romaans paleis, kunt u zien dat in een van de kapittelen die de gevel sieren de Legende van Roeland en Ferragut is uitgehouwen, welke ik u hierna zal vertellen:

In de tijd dat Karel de Grote, koning van de Franken, de gloriedagen van zijn keizerrijk beleefde, omringd door de heroïsche aureool twaalf ridders, was er een islamitische reus van Syrische afkomst, afstammeling van Goliath, die het waagde om achtereenvolgens alle twaalf soldaten uit te dagen.

Eerst versloeg hij de grote Ogier, vervolgens Reginaldo de Montalbán en zo overwon hij allen, een voor een, totdat alleen de moedige Roeland nog over was. En hoewel de keizer hem eigenlijk niet wilde inzetten in een dergelijke onderneming, verscheen Roeland voor het tweegevecht, dat volgens de traditie werd gehouden in de stad Nájera.

Boze tongen beweerden dat Roeland een neef of misschien zelfs wel zoon zou zijn, verwekt tijdens de incestueuze verhouding tussen Karel de Grote en diens zuster…

De gevechten tussen Roeland en Ferragut waren verschrikkelijk, maar zo evenwichtig dat er uiteindelijk een wapenstilstand moest worden afgekondigd, omdat er geen duidelijke overwinnaar was. Tijdens het bestand sloten de Christelijke paladijn Roeland en de islamitische kampioen Ferragut vriendschap. Deze laatstgenoemde, naïef en goedgelovig als hij was, vertrouwde zijn nieuwe vrienden toe wat het geheim van zijn macht was: slechts één punt van zijn lichaam was kwetsbaar, zijn navel.

De volgende dag lokte Roeland tijdens het eten een discussie uit over de waarheden en leugens van de twee religies, in die tijd verklaarde tegenstanders, die dusdanig uit de hand liep dat werd besloten om hem te beslechten met een ordale, dat wil zeggen een godsoordeel, in een omheinde terrein.

Roeland stak uiteraard onmiddellijk de punt van zijn spies in de zwakke plek van de reus: diens navel. En zo kwam het dat de woeste maar onnozele Ferragut dodelijk gewond raakte.

Sindsdien worden er, tot op de dag van vandaag, veel jongens uit Nájera gedoopt met de klinkende naam van de legendarische reus: Ferragut.

Omhoog

Legende van San Virila

Monasterio de Leyre

Verteld door Abt San Virila

In die dagen voelde ik me gekweld door het dilemma van de eeuwigheid en de twijfel sloeg onophoudelijk toe. Ik bad tot God, onze Heer, en smeekte hem om dit mysterie te verklaren en om het licht in mijn hart te doen branden. Op een lentemiddag ging ik er, zoals gewoonlijk, op uit om een wandeling te maken door de bladerrijke bomen van de Sierra de Leire.

Vermoeid ging ik bij een bron zitten en daar bleef ik in gedachten verzonken, als gehypnotiseerd door het mooie gezang van een nachtegaal.

Na wat voor mij enkele uren waren, keerde ik terug naar het klooster, mijn huis. Toen ik door de hoofdpoort naar binnen ging herkende ik echter geen enkele monikkenbroeder. Ik zwierf door de verschillende gebouwen, verbaasde me over elk detail en begreep dat er iets vreemds aan de hand was.

Toen ik in de gaten kreeg dat niemand mij kende, wendde ik mij tot de Prior die mijn verhaal sprakeloos aanhoorde. Wij gingen naar de bibliotheek om dit raadsel op te lossen en nadat we enkele oude documenten hadden bekeken ontdekten wij dat er "driehonderd jaar geleden een heilige monnik, genaamd San Virila, het klooster had geleid en dat hij door wilde dieren was opgegeten tijdens een van zijn lentewandelingen"...

Tot tranen toe geroerd begreep ik dat ík die monnik was en dat God, eindelijk mijn gebeden had verhoord.

Omhoog

Legende van San Ataulfo

Refectorio de la Catedral de Pamplona

Verteld door Acipilón

In de negende eeuw waren de gewoontes in het noorden van het Iberisch Schiereiland niet bepaald voorbeeldig. Wij leefden in een onkuise tijd, waar schandalen met monniken, verlaten echtgenotes en geestelijken die er concubines op nahielden aan de orde van de dag waren. Het gerucht ging dat de bisschop van Compostela, Ataulfo II, een einde wilde maken aan deze misstanden en de kerkelijke discipline weer in ere wilde herstellen, zelfs al zou dat met harde hand moeten gebeuren. Uiteraard werd dit besluit niet in dank afgenomen door degenen die profijt trokken uit dergelijke onrusten.

Zo kwam het dat mijn metgezel Cadón en ikzelf, Acipilón op een koude winteravond bezoek ontvingen van enkele opstandige geestelijken die erg boos waren over de inmenging van de bisschop uit Compostela. Zij verzochten ons om ons te wenden tot de toenmalige koning van Asturië, Alfons III de Grote om Ataulfo aan te klagen wegens samenzwering tegen zijn koninkrijk en wegens het stiekem onderhandelen met de Moren, om hen grondgebied van Galicië te overhandigen. En omdat wij zelf ook niet wilden dat onze privileges zouden worden ingekort, deden wij dat. Het was niet moeilijk om de koning te overtuigen, aangezien hij onder meer de bedoeling had om korte metten te maken met alle vijanden van zijn kroon.

Toen de genoemde bisschop voor Alfons III verscheen, kreeg hij niet eens de tijd om hem zijn eer te betonen, maar werd hij meteen gevangen genomen. Zoals met alle verraders gebeurde, zou hij gestraft worden door hem aan zijn lot over te laten ten overstaan van een wilde stier.

Op de dag van dat het vonnis zou worden uitgevoerd stond het plein waar de gebeurtenis plaats zou vinden, vol met mensen. Wij schreeuwden allemaal enthousiast en ongeduldig om te zien hoe het beest korte metten zou maken met deze machtige dreiging. Toen het wilde dier naar buiten kwam stormde hij op Ataulfo af, maar net voordat hij het gewaad van de bisschop aan zou raken stopte de stier plotseling en boog, ten overstaan van de stomverbaasde menigte, zijn kop onderdanig, zodat Ataulfo zijn hoorns vast kon pakken. Ik besefte met spijt ik dat we een enorme fout hadden begaan, omdat op die dag zijn onschuld bewezen was.

De geschiedenis wil dat deze feiten nooit in de vergetelheid zijn geraakt, maar voor eeuwig voortleven in het mooie kapiteel van de refter van de Kathedraal van Pamplona.

Omhoog

Legende van de Heks van Bargota

Viana

Toen ik nog een klein jongetje was, ging ik vaak met mijn broer en vriendjes spelen bij het meertje van Viana, tegenwoordig bekend als La laguna de las Cañas. Men geloofde dat heksen uit de verre omtrek daar bijeenkwamen om toverformules uit te spreken en de duivel in te roepen. Maar wij kinderen durfden nooit te vragen in hoeverre deze verhalen op waarheid berustten.

Op een nacht haalde mijn broer me over om wakker te blijven en te gaan kijken... Ik kon mijn angst niet verbergen toen ik omhoog keek en verschillende magische silhouetten door de lucht zag vliegen in de richting van het meertje van Viana.

Eenmaal thuis verborg ik mij doodsbenauwd onder de lakens en toen mijn broer mij probeerde te troosten rende hij plotseling de kamer uit, alsof een kracht zich van hem meester had gemaakt. Ondanks mijn angst sprong ik mijn bed uit en volgde hem. We gingen de duisternis in en liepen vol verwachting achter elkaar aan naar de lagune. Verstopt tussen het struikgewas ontwaarden wij verschillende heksen die rond een laaiend vuur dansten, onverstaanbare zinnen scanderend. Onder hen herkenden we Juanes een inwoner van het dorp die, zoals kwade tongen beweerden, altijd tot priester had willen worden gewijd.

Enkele dagen later begon het gerucht zich te verspreiden dat De Heks van Bargota, zoals Juanes’ bijnaam luidde, op een nacht de duivel had aangeroepen en dat een aantal verdorven elven hem hadden geholpen om zijn huis in één nacht te bouwen. En hoewel wij daarvan getuige waren geweest, durfden wij dat niet op te biechten en werd het ons best bewaarde geheim.

Jaren later, toen Juanes al door de Inquisitierechtbank Calahorra was berecht, wilde mijn broer van Juanes’ oude huis zijn woning maken. Maar al snel moest hij van dat idee afzien, omdat de ijzingwekkende kreten van de heks hem iedere nacht uit de slaap hielden.

Zelfs vandaag de dag kunt u, als u de hemel aandachtig bekijkt, het silhouet van de Heks van Bargota ontwaren, die over het dorp Viana vliegt...

Omhoog

Legende van de Brug van Zubiri

Zubiri. Puente de la Rabia.

In de streek Zubiri, die door de Camino de Santiago in de daling van Roncesvalles doorkruist wordt werkten wij, dorpelingen, omstreeks de 11de eeuw onvermoeibaar aan een mooie stenen brug over de rivier de Arga, die de doorgang voor de pelgrims moest vergemakkelijken. Het leek echter wel alsof wij door een vreemde vervloeking verhinderd werden om het bouwwerk te voltooien.

Verwonderd door de moeilijkheid om de centrale pilaar te plaatsen, besloten we dat er niets anders op zat dan om te gaan hakken in de rots die deze moest ondersteunen. Tot onze verbazing vonden we daar het geparfumeerde stoffelijke overschot van een jonge vrouw. Het was het lichaam van niemand minder dan Santa Quiteria, beschermvrouwe tegen hondsdolheid.

Het heilige stoffelijk overschot werd op een muilezel geladen en onder begeleiding van het gevolg van de bisschop in processie naar de kathedraal van het koninkrijk van Pamplona gedragen. Bij aankomst in Burlada, hield de muilezel stil. Wat men ook probeerde, het lukte niet om hem vooruit te krijgen. De stoet besloot dat het een beslissing van hoger hand was, waardoor Santa Quiteria voor altijd in dat dorp op de pelgrimsweg zou blijven en dat daar haar relikwieën zouden worden bewaard.

Wat betreft de centrale pilaar van ons geliefde dorp Zubiri, die heeft sindsdien, door de eeuwen heen, zijn functie als genezer van rabiës uitgevoerd. Dieren en mensen zijn van de ziekte genezen of er is voorkomen dat zij de ziekte zouden krijgen. En, volgens de legende, heeft hij zijn genezende kracht tot op de dag van vandaag behouden.

Omhoog

Legende van Guillén en Felicia

Representación del Misterio de Obanos.

Verteld door Guillén

Iedere ochtend gingen mijn geliefde zuster Felicia en ik, Guillén, na het ontwaken een eindje wandelen door de paleistuinen in Aquitania. We vertelden elkaar dan onze dromen over de dag waarop zij zou trouwen met een machtige edelman, en waarbij de rijkdommen van ons hertogdom verzekerd zouden zijn.

Volgens de familietraditie, die door Guillermo X in het leven was geroepen, van het maken van een bedevaartstocht naar Santiago, kondigde Felicia ons aan dat zij, alvorens te trouwen, de Jakobsroute zou afleggen. Maar op de terugweg voelde zij in haar hart een sterkte wens om haar naasten te helpen. Daarom besloot zij om zichzelf af te zonderen en als dienstmeisje te gaan werken in een klein Navarrees dorpje, genaamd Amocáin.

Toen ik van haar beslissing hoorde, voelde ik zo veel verbittering en woede dat mijn geschreeuw tot in alle uithoeken van het paleis te horen was. Ik kon mijn wanhoop niet de baas en ging naar haar op zoek. Toen ik haar vond en zij niet met mij terug wilde naar het paleis, maakte een onbeheersbare razernij zich van mij meester en ik doodde haar a… Bedroefd y vol berouw, begon ik zelf aan mijn pelgrimsreis naar Santiago, om smekend om vergiffenis. Toen ik weer thuiskwam besloot ik, ontroostbaar, om een kapel te bouwen op de heuvel van Arnotegui, alwaar ik de rest van mijn dagen in eenzaamheid biddend doorbracht.

Het lichaam van mijn zuster werd overgebracht naar een nabijgelegen plaatsje, genaamd Labiano, waar de plaatselijke bevolking van hoofdpijn wordt genezen door haar relikwieën te vereren. Tot op de dag van vandaag ween ik om het verlies van mijn geliefde Felicia.

Omhoog

Legende van de “Txori”

Puente la Reina. Virgen del Txori.

Puente la Reina 1834. Ten tijde van de eerste Carlistische oorlog werd ik op een ochtend bij de Graaf van Viamanuel, generaal van het leger van Isabel II geroepen, om hem te vergezellen bij zijn ochtendwandeling. Wij bestegen onze paarden en reden door de straten van de stad. Toen we de Romaanse brug naderden, die de stad haar naam geeft, zagen we hoe een groep dorpelingen aandachtig naar het beeld van de Maagd van Puy keek.

Gedreven door nieuwsgierigheid, gingen wij ernaar toe. We zagen dat de oorzaak van zoveel bewondering niets anders was dan het enthousiasme waarmee een vogeltje het gezicht van het standbeeld van onze geadoreerde Maagd Maria aan het schoonmaken was. Het was een heus spektakel om te zien hoe de “txori” onophoudelijk met zijn snavel water pakte en met behulp van zijn vleugels voorzichtig de spinnenwebben van het beeld weghaalde.

Ik stond op het punt om mij aan te sluiten bij het grote vreugdebetoon van de menigte, toen ik het oorverdovende geschater van de graaf hoofde, die de vogel uitlachte en spotte met de bewondering die de dorpsbewoners voor hem koesterden. Beledigd en verontwaardigd joelden de inwoners van Puente la Reina hem uit en toen hij de minachting van de dorpsbewoners voelde maakte hij rechtsomkeert en ging ervan door.

Ik kon zien dat mijn heer laaiend was. Ik kon echter haast niet geloven wat er enkele uren later gebeurde: de graaf en een aantal van zijn bewakers lieten hun kanonnen donderen, simulerend dat we werden aangevallen door generaal Zumalacárregui. Tot aan zonsondergang liet hij de schijnvertoning duren, die nergens anders toe gediend had dan om wraak te nemen op de bewoners. Maar ondanks deze valstrik lukte het de graaf niet om ook maar een greintje van de volksdevotie weg te nemen.

Toen hij twee weken later bij de rotsen van San Fausto werd verslagen door de troepen van Zumalacárregui en door de Traditionalisten werd gefusilleerd, waren de inwoners van Puente la Reina het erover eens dat dat de straf was die hij had verdiend omdat hij de spot had gedreven met de geliefde “txori”.

Omhoog

Legende van Eunate-Olcoz

Iglesia de Santa María de Eunate

Verteld door een meester steenhouwer

Er was mij opgedragen om het voorportaal van de kerk de Santa María de Eunate uit te houwen, en ik voelde mij intens tevreden en vereerd. Ik besloot om mij af te zonderen om de goddelijke inspiratie te krijgen voor het maken van een meesterwerk. Toen ik terugkwam zag ik echter dat een reuzensteenhouwer met bovennatuurlijke krachten het werk dat men mij had opgedragen al verricht had.

Verontwaardigd wendde ik mij tot de Abt, die niet naar mijn uitleg wilde luisteren. Hij gaf me te kennen dat mijn afwezigheid was beschouwd als een gebrek aan respect jegens de monniken en hemzelf. Voor straf moest ik van hem een soortgelijk werk uithouwen, binnen hetzelfde tijdsbestek als waarin de reuzensteenhouwer zijn werk had gemaakt: niet meer en niet minder dan drie dagen.

Wanhopig door de omvang van deze taak ging ik het bos in en besloot ik de duivel in te roepen. De heks Laminak had echter medelijden met mij gekregen en verklapte mij het magische geheim waarmee ik mijn probleem zou kunnen oplossen.

Ik volgde haar raad op en het lukte mij om een maansteen te pakken te krijgen, die een grote slang in zijn bek had. De heks vertelde mij dat ik die op de nacht van San Juan (23 juni) aan de oever van rivier moest leggen.

Terwijl het maanlicht op de steen, de kelk en het water van de Nequeas scheen, keek ik met open mond toe hoe zich het wonder voltrok. Er ging echter iets mis en de voorgevel verrees zich omgekeerd, als een spiegelbeeld. Het dorp was onder de indruk en de steenhouwer gaf uit woede zo’n grote schop tegen het bouwwerk, dat dat terechtkwam in een dichtbij gelegen dorp.

Degenen die hun nieuwsgierigheid niet kunnen bedwingen moeten weten dat ze mijn werk heden ten dage nog kunnen bewonderen in de kerk van Olcoz, en dezelfde gevel, maar dan in spiegelbeeld, in de kerk van Santa María de Eunate.

Omhoog

Legende van Sigurd

Snagüesa. Portada de la iglesia de Santa María. Sigurd matando al dragón.

De reiziger die stilhoudt voor kerk van Santa María la Real te Sangüesa treft er verschillende beeldhouwwerken aan, die verwijzen naar de Noorse legende van Sigurd, welke ongetwijfeld zijn aandacht zal trekken. Ik, de anonieme steenhouwer, die zo vaardig was om deze uit te houwen zal u iets vertellen over de oorsprong en betekenis ervan.

Odin had de reuzen opgedragen een brug te bouwen die het Walhalla met de aarde moest verbinden. De reuzen verzochten op hun beurt om overlevering van Freya, symbool van de vruchtbaarheid en schoonheid en uitverkoren dochter van de goden.

Om deze hoge prijs niet te hoeven betalen voerden de goden hardnekkige onderhandelingen en ze slaagden erin de reuzen te bewegen om in plaats daarvan de legendarische schat op te eisen, die de Nibelung-dwergen uit de goudhoudende wateren van de Rijn hadden gewonnen. Toen de bouw eenmaal was afgerond en er aan hun wil was voldaan, verstopten de reuzen de schat in een grot, onder bewaking van de bloeddorstige draak Fafner.

Mime, een van de slimste dwergen, nam kennis van de dood van koning Sigmund, held van de Voslungen, en slaagde erin om meester te worden van diens kleine wees Sigurd, die hij opvoedde voor de strijd. Toen laatstgenoemde eenmaal een forsgebouwde jongeman was, werd hem de stukken van het zwaard van zijn vader, de magische Gram overhandigd en kreeg hij zijn eerste proefopdracht: het doden van de draak Fafner.

De jonge held smeedde het zwaard opnieuw samen, met behulp van de smid-tovenaar Regin, die de jongen enkele geheimen bijbracht die hem van pas zouden kunnen komen in de strijd tegen de draken. En zo verwondde Sigurd Fafner bij de eerste aanval in de nek, waarbij er enkele bloeddruppels van de draak in zijn mond vielen. Daardoor verstond de held plotseling de taal van de vogels. De vogels verklapten hem dat als hij in het reptielenbloed zou baden, hij onschendbaar zou worden. Ook vertrouwden ze hem toe dat er een schat bestond, die de dwergen tot dan toe verborgen hadden gehouden en dat Mime hem bij zijn terugkeer wilde vermoorden.

Sigurd dompelde zich uiteraard onder in het drakenbloed, maar daarbij viel er een herfstblad van een lindeboom zijn rug, een kwetsbare plak achterlatend die beslissend zou zijn in het verloop van de legende. Nadat hij Mime had gedood, zocht de held Regin op en overhandigde hem de prijs die de smid hem had gevraagd voor zijn werk, het hart van Fafner.

En zo begon het verhaal van zijn avonturen die veel later de opera’s van Wagner zo populair zouden maken.

Omhoog

Roelandslied

Ibañeta. Monolito de Roldán.

Verteld door Karel de Grote

Omstreeks het jaar 778 wachtte ik, Karel de Grote, op de onderwerping van Zaragoza. Daarom was het voor mij geen verrassing dat afgezanten van de koning van Zaragoza, Marfi.l hun opwachting maakten in mijn bijgebouwen om mij een vredesboodschap te overhandigden. Als antwoord daarop droeg ik Ganelón op om zich naar Zaragoza te begeven om het voorstel van Marfil te aanvaarden. En, aangezien ons doel bereikt was, besloot ik dat mijn leger en ik naar wel terug konden keren naar Frankrijk.

Zo bepaalde ik dat mijn trouwe Roeland het vaandel zou dragen dat aantoonde dat hij bevelhebber van de achterhoede was, terwijl wij de terugkeer naar huis en haard, dat wij zo gemist hadden, aanvaardden.

Alles was geregeld, totdat ik op een dag tijdens een partijtje schaak het huiveringwekkende geluid van de hoorn van mijn geliefde Roeland hoorde. Ik stond als aan de grond genageld omdat ik meteen in de gaten had dat er iets verschrikkelijks gaande was. Ganelón probeerde me er echter van te overtuigen dat onze stoutmoedige Roeland met andere dingen bezig was, zoals met jagen, en dat hij vast geen hulp nodig had.

De woorden van Ganelón stelden mij echter niet gerust en door een innerlijke kracht werd ik gedreven om naar de plaats waar de ridders van mijn leger bijeen zouden komen te gaan. Toen ik bij de kloof van Roncesvalles aankwam, begreep ik wat de oorzaak van mijn kwelling was: daar zag ik dat de aarde besmeurd was met het bloed van mijn ridders, verwoest en bezaaid met hun lichamen.

Ik begreep niet wat er gebeurd was, totdat een plotselinge gemene grijns op het gelaat van Ganelón me deed begrijpen dat hij ongetwijfeld op de hoogte was wat er daar was gebeurd. Die verfoeilijke man had zijn eigen stiefzoon Roeland de dood in willen jagen, tegen mij samengezworen en zich aangesloten bij Marsil.

Ik bezwoer hem dat ik hem dat betaald zou zetten en wijdde al mijn energie in het vervolgen van het leger van Zaragoza, totdat ik erin slaagde om het te verslaan en Zaragoza verslagen aan mijn voeten viel. Wat betreft de verachtelijke Ganelón kan ik slechts zeggen dat hij kreeg wat hij verdiende en dat hij na een eerlijk proces in Aix is gevierendeeld.
Op die manier slaagde ik erin om de herinnering aan mijn leger te wreken.

En de geschiedenis wilde dat alle gebeurtenissen blijven voortleven in de volksherinnering; en daarom zijn ze bewaard gebleven in een van de bekendste Middeleeuwse heldendichten: "Het Roelandslied " of "Chançon de Roldán".

Omhoog